Ik sta dus al tien minuten bibberend in de kou, met een zware tas op mijn rug, te wachten op de trein, die overigens ook nog eens super vol zal zitten omdat de vorige trein niet is komen opdagen. Op het perron lopen de gekste figuren rond, allemaal mensen die van hun werk naar huis gaan, en vooral veel studenten die zich net als ik klaarmaken voor een weekend thuis. Vandaag staat er echter ook een groepje oude mannen bij me in de buurt. Ik kan met gemak en zonder enige moeite verstaan waar ze het over hebben, want van het begrip "overenthousiasme" hebben zij kennelijk nog nooit gehoord! Ik stoor me er echter niet aan en moet er zelfs even om lachen! Een van de mannen draagt een apparaat met zich mee en is met allerlei slangetjes aan het ding verbonden. Hij lijkt me ernstig ziek, maar toch lacht hij onverstoord met de anderen mee. Ik probeer me zijn leven voor te stellen en besef me hoe fijn ik het heb en dat ik dankbaar moet zijn dat ik niks mankeer en gewoon gezond ben. Ik kijk nog eens om me heen naar de andere mensen op het perron. Achter al deze mensen gaat een verhaal schuil waar je niks van weet, de een nog meer intrigerend dan de ander...
Doordat ik zo in gedachten verzonken ben heb ik totaal niet door dat de trein er inmiddels aankomt. Snel ga ik naar het einde van het perron in de hoop dat het in het achterste gedeelte minder druk is. Niets is minder waar en ik ben zeker niet de enige met dat idee. Als ik kans zie om de trein in te stappen merk ik al dat het hier net zo druk is als in de rest van de trein. Strompelend door de vele coupés beland ik uiteindelijk bij de laatste deur. De trap is nog vrij. Ik leg me er maar bij neer: op vrijdagmiddag kun je niet verwachten dat je plek hebt in de trein, zeker niet als je op zo'n station als Utrecht Centraal instapt.
De trein is vertrokken. Langzaam laat ze Utrecht achter zich als ze in de richting van Houten rijdt. Ik pak ondertussen een boek uit mijn tas; je moet toch wat als je op de trap zit. Ik heb nog nauwelijks een halve alinea gelezen als opeens het groepje oude mannen de coupé uit komt strompelen en gezellig naast me op de trap komt zitten. Kennelijk is er echt nergens plaats en kennelijk is er ook niemand meer die nog opstaat voor mensen die slecht ter been zijn.
Al gauw blijkt dat het groepje nog steeds de grootste lol heeft. Inmiddels heeft zich namelijk een hele groep mensen verzameld in dit tussenstuk van de trein. Minstens de helft speelt met een smartphone, een aantal is aan het eten en tegenover mij zit een man met een super lieve puppy die constant mijn aandacht wil. Maar dan het gekke. Opeens merkt een van de oude mannen op dat het zo fantastisch is dat ieder persoon zijn eigen verhaal heeft. Allerlei verschillende levens, allemaal bij elkaar op 5 vierkante meter in de trein. Plotseling vraagt hij aan me: "En wat doe jij in het dagelijks leven?" Waarop ik heel even nadenk en terug denk aan mijn stageweek. Dan volgt het antwoord: "Ik ben muziekdocent". :)
Liefs,
Marleen